Langer doorwerken logisch! Maar hoe gaan werkgevers met senioren om?

Zeer recent maakte ik mee, dat 4 bekenden van 50+ hun baan verloren of dreigen te verliezen.  De rode draad in hun verhaal is dat er een (nog) scherper management gevoerd wordt en de desbetreffende bedrijven naar verjonging zoeken van hun arbeidsbestand. Het gaat daarbij om nog hogere omzetten, hogere targets en hogere productiviteit die vaak ten koste van de persoonlijke relaties in het bedrijf gaan.
Kennelijk wordt senioriteit gemakkelijk over boord gegooid.
Dit, terwijl we steeds ouder worden.
In de media lees ik wel over langer doorwerken, maar zelden over de wijze waarop werkgevers met oudere medewerkers omgaan.

Het staat buiten kijf, dat de samenleving in een rap tempo ontwikkelt en dat medewerkers meeontwikkelen.  Dat vraagt van bedrijven een inspanningsverplichting om hun medewerkers te trainen en ondersteunen.
Senioren, die ik als 50+ karakteriseer, zijn daar doorgaans ook graag toe bereid. Het zijn bij uitstek de medewerkers die (zeer) loyaal zijn naar hun bedrijf en vaak een langere geschiedenis hebben binnen hun organisatie.
Ik trof o.m. het volgende:
Van één bedrijf in de reisbranche is bekend dat het jarenlange enorme productiestijging had. Het laatste jaar was een minder jaar. Gevolg: reorganisatie en veel oudere medewerkers is ontslag aangezegd.
Een apotheek is overgenomen door een keten die slechts één doel lijkt te hebben: winstmaximalisatie. Van de twee apothekers moest er 1 uit, de officemanager moest weg en op de assistenten werd ook bezuinigd. Vervanging tijdens vakantie moest de apotheker maar regelen in het netwerk en ziekte werd sowieso niet vervangen. Gevolg: de apotheker zit op het randje van een burnout en heeft besloten te vertrekken.
Een offshorebedrijf is dermate gefocust op winstmaximalisatie, dat de atmosfeer in het bedrijf dermate is verslechterd, dat veel oudere medewerkers zelf weg willen. Overigens is de realiteit dat dit moeilijk lukt, gezien hun leeftijd.

Ik ontmoet in mijn praktijk nogal eens aangeslagen en gedemoraliseerde senioren door deze ontwikkelingen. Overigens ook steeds vaker jongere medewerkers op wie de druk van het werk stijgt en die uit balans (dreigen te) raken.
Is het tij nog te keren? Of te temporiseren?
Wie het weet, mag het zeggen.

Paul Schoof,  www.prismij.nl

Uit je comfortzone

Onlangs op een zonnige dag in mei dronk ik een kop cappuccino met mijn 21 jarige zoon. “Ik heb het meest geleerd in mijn leven toen ik uit mijn comfortzone was, pap”, voegde hij mij wijselijk toe. Op zijn 16e woonde hij een jaar in drie verschillende gastgezinnen in Paraguay en onderbrak daarmee zijn Havo die hij daarna afmaakte. Op zijn 20e deed hij een minor op de universiteit in Buenos Aires. Hij moest daar een presentatie verzorgen, in het Spaans. En al liep het hem dun in de broek, hij haalde een 10, hetgeen nog niet eerder was voorgekomen.

Jarenlang werkte ik met groot enthousiasme in de zorg. Het leeuwendeel daarvan als leidinggevende, manager, directeur en bestuurder.  Toen ik vertrok in mijn laatste baan lag het voor de hand om een soortgelijke baan te zoeken; daar lag immers mijn expertise. Na een innerlijk rijpingsproces besloot ik een andere wending aan mijn loopbaan te geven en mijn expertise de komende 20 jaar anders in te zetten voor de samenleving.
Ondertussen waren mijn kinderen het huis uit, had ik een nieuwe relatie, had ik mijn ondertussen veel te grote huis verkocht en was begonnen als ZZP’er.  Ook startte ik met een tweejarige counseloropleiding in Amsterdam. Ik was ineens weer “leerling” in een opleiding die ook over mezelf ging. (Groeps)leertherapie, supervisie, intervisie, rollenspelen maar dan niet ‘gespeeld’, veel literatuur, psychosociale basiskennis en sessies draaien. Ik was even niet ‘thuis’ meer in mezelf.  Feitelijk was dat ook nodig om goed open te staan voor nieuwe inzichten en een verdiepte verhouding tot mezelf en daarmee tot anderen. Tegelijkertijd was ik een deel van mijn gevoel van veiligheid kwijt. Jeetje, was voelde dat ongemakkelijk!
Het ging nu niet om mijn opgedane kennis over management, de zorg, niet om een positie/rol die ik vervulde, maar om mijn authentieke zelf met nieuwe, aanvullende kennis en vaardigheden.  Daarnaast deed ik ook een accreditatietraject als leefstijlcoach en zette samen met mijn vriendin een ondogmatische training op.  Al met al deed ik de afgelopen drie jaren zes (bij)scholingstrajecten.
Ik kijk terug op een periode waarin ik totaal uit mijn comfortzone was. Maar wat een nieuwe inzichten verkreeg ik!  Niet in de laatste plaats omdat het niet allemaal ‘halleluja’ was dat ik ervaren heb. Teruggeworpen op mezelf herontdekte ik weer mijn volle overtuiging: dezelfde passie, dezelfde focus op kwaliteit van leven, nu in een ander jasje.
Ui t je comfortzone geeft een hoop mogelijkheden; het is een kwestie van doen! En je hoeft er niet voor naar Argentinië……

Heeft u 1 tot 5 jaar geleden een Burn-out gehad? Bent u tussen 18 en 67 jaar?

In het kader van ons onderzoek naar wat helpend is geweest in uw herstel
interviewen we u graag.

Onderstaand wat aanvullende informatie:

In het kader van onze post Hbo-opleiding tot integratief counselor aan de Nederlandse Academie voor Psychotherapie doen wij een onderzoek naar factoren die uw herstel van een burn-out hebben bevorderd. Het maakt daarbij niet uit of u toen enige vorm van begeleiding heeft gehad. Graag interviewen we u als ervaringsdeskundige. De interviews worden door twee personen afgenomen  in februari en begin maart 2019.

Uw investering is ongeveer 1 uur. We bezoeken u op een door u gekozen locatie om uw reistijd te minimaliseren. Het doel is om lering te trekken uit uw ervaringen om passende handvatten te ontwikkelen voor hulpverleners. Uw bijdrage, die uiteraard geanonimiseerd wordt verwerkt,  is voor hulpverleners van groot belang. Indien u dit op prijs stelt, sturen wij u de eindrapport graag toe. Wilt u meedoen, stuurt u dan een mail naar
schoofpaul@gmail.com of belt u 06 51098300

burnout in vlammen

Leefstijlcoaching booming?

M.i.v. 2019 is leefstijlcoaching in de basisverzekering opgenomen. Er wordt geen eigen bijdrage gevraagd. De focus is vooralsnog gericht op Gecombineerde Leefstijl Interventies. Voor 2019 is 7 miljoen euro uitgetrokken om het CooL (Coaching Op Leefstijl) programma te effecturen. Het gaat dan om mensen met een BMI van hoger dan 25 met een risico op diabetes type 2 of mensen met een BMI hoger dan 30. Dit terwijl er in Nederland 3,5 miljoen mensen volgens de norm te dik zijn. Huisartsen zijn niet erg enthousiast, want het is veel te weinig geld. Wordt het een succes? Of is het een voorbijgaande hype?

Verzekeraars zijn eigenlijk in de geschiedenis niet erg gericht geweest op preventie. Het is hun corebusiness niet; men richtte zich op ziekte en herstel.
Investeringen in preventie verdampen daarnaast als verzekerden overstappen op een andere verzekeraar.
Verzekeraars zijn dan ook met beperkt enthousiasme in de financiering gestapt van het CooL programma.
Toch ziet men dat de kosten die samenhangen met een ongezonde leefstijl enorm zijn gestegen (Zorgkosten van Ongezond gedrag – RIVM) en vindt men dat er ingegrepen moet worden in leefstijl om de kosten van de zorg (en daarmee de premies) acceptabel te houden.

Feitelijk een bescheiden, maar wel revolutionaire koerswijziging!
Het is ingrijpen in een levensfase, waarin zich een probleem aandient, maar dat nog wel veranderbaar is. Cynici zullen opmerken, dat het niet eenvoudig is om een leefstijl –blijvend- te veranderen. Om dit te realiseren is een langere periode van begeleiding nodig.
Het CooL programma duurt daarom ook twee jaar met in totaal 16 groepsbijeenkomsten en 8 individuele gesprekken. Om lichamelijk en geestelijk welbevinden te bereiken,  is de  integrale aanpak gericht op voeding, bewegen, slaap en ontspanning en omgang met stress..

Op dit moment zijn er nog veel te weinig leefstijlcoaches. Er is een mogelijkheid om lid te worden van de beroepsvereniging BLCN als u slaagt voor de accreditatietoets. Dit is noodzakelijk om geaccepteerd te worden door de verzekeraars. En daarnaast dient u de CooL instructie gevolgd te hebben die tot een licentie leidt.

Ja, er is met een beperkt budget gestart. De omslag in denken van behandelen naar preventie verdient wel een kans, temeer daar experimenten tot goede resultaten hebben geleid.

Relevante sites:

https://www.leefstijlinterventies.nl/

https://avleg.nl/

https://www.blcn.nl/

 

Groenten 6

De Kracht van emoties.

Dit jaar koos ik voor een fietsvakantie door Nederland. Ik was lid geworden van ‘Vriend op de fiets’. Je overnacht bij particulieren die een kamer of tuinhuisje ter beschikking stellen om te overnachten.
Een en ander leidde tot boeiende gesprekken.
Een van de gastheren was Jacob. Hij verloor zijn vrouw t.g.v. een hartinfarct op de stoep van de huisarts na 25 jaar huwelijk.  Na twee jaren ontmoette hij een vrouw met wie hij trouwde. Drie maanden geleden, na zes jaar huwelijk, was hij gescheiden.

Jacob was een stoere robuuste man, stevig van postuur, die hield van no-nonsense. Een prater, een zender die geen vragen stelde. Zijn communicatie werd kennelijk geprikkeld door een luisterend oor.
Maar Jacob oogde ook als een getergd man die een bewogen leven had geleid en die in de greep verkeerde van zijn opvatting dat emoties getuigden van zwakheid.
Het was onmiskenbaar een gevoelige man, die niettemin de opvatting huldigde dat toegeven aan emoties gelijk staat aan controleverlies.

Gaandeweg gaf hij aan, “dat hij wel veel van zijn gevoelsleven in de schuur had opgesloten, maar dat de deur nu op een kier stond”.

Het lijkt een open deur, dat het uiten van je gevoelens cruciaal is voor een evenwichtig leven.
Toch ontmoet ik regelmatig mensen, die zich krampachtig verzetten tegen het uiten van gevoelens. Om uiteenlopende redenen: men voelt zich kwetsbaar, men vreest controleverlies, men vreest een andere beeldvorming over zichzelf of er bestaat angst dat er nog meer –onbekende- gevoelens naar boven komen.

Osho , Bhagwan Shree Rajneesh (1931-1990), geeft een mooie metafoor:
“Als we het leven zien als een piano en de witte toetsen staan voor de mooi, glorieuze momenten van je leven en de zwarte voor de moeilijke en pijnlijke momenten, besef je dan, dat je beide nodig hebt voor een mooi pianostuk”.

De communicatie met mensen die angstvallig hun emoties verbergen heeft iets onechts; je praat feitelijk met “de buitenkant”, maar het is de emotionele beroering in een mens die hem of haar typeert. Het idee dat als je je gevoelens in controle hebt je evenwichtig bent, is mijns inziens een misvatting. Het is de ultieme ontkenning van je eigenheid. Emoties zijn vaak een waarschuwingsattenne. Maar ook een medicijn. Door denken lossen we geen levens-issues op; wel door deze emotioneel te doorleven.

Toen ik de volgende dag vertrok, zei ik: “Zet de schuurdeur maar wat verder open Jacob, voordat ie ineens openklapt”.
Jacob knikte en zei: “Die gaat niet meer dicht!”

Deze angst van een senior trof me.

Recent had ik een 49 jarige cliënt voor coaching.
Ze was erg met haar loopbaan bezig en de druk om tot een verandering te komen ervoer ze als heel groot. “Want volgend jaar word ik 50 en dan is het einde verhaal; dan sluiten de gordijnen” sprak ze veelbetekenend. Toen ik haar vroeg wat ze daar precies mee bedoelde, zei ze dat ze wist dat haar kansen dan wel verkeken waren “want boven de 50 tel je niet echt meer mee op de arbeidsmarkt”.

Ik merkte dat haar woorden me zowel verdrietig als opstandig stemden. Haar angst verlamde haar. Hoezo einde verhaal?  Hoe triest als je het idee hebt dat je net over de helft van je leven het idee hebt dat je niet meer mee telt?
Het hoeft geen betoog, dat de gemiddelde leeftijd waarop men overlijdt in Nederland steeds hoger wordt. En dat de pensioenleeftijd ook stijgt.
Maar ook herkende ik het beeld, dat naarmate mensen ouder worden, de kansen op de arbeidsmarkt kleiner worden. Ouderen zouden duur zijn want hoge loonschalen hebben, meer kans lopen op ziekte-uitval en een risico zijn in relatie tot de hoge werkdruk en snelle technische ontwikkelingen. De crisisjaren hebben dit beeld ook al geen goed gedaan.
Klopt dit beeld wel?

Graag zou ik middels deze blog eerst steekproefgewijs willen onderzoeken hoe men denkt over senioriteit en arbeidsmarkt.
Ik heb vaak gezien dat senioren zeer gemotiveerd zijn, vaak een relativerende wijsheid inbrengen, over veel levenservaring beschikken en zaken met humor en in verbinding met anderen oplossen. Ook ervaar ik dat ze werken vanuit een sterke betrokkenheid op en loyaliteit met hun bedrijf.
En ja, er is ook een discussie gaande over “zware beroepen” en pensioenleeftijd. Maar gelukkig zijn niet alle beroepen in deze categorie te rubriceren.
De crisisjaren liggen achter ons en het aantal vacatures loopt snel op. En als we niet willen dat de jongeren de last eenzijdig moeten dragen om het nationaal inkomen te verdienen, dan is de inzet van senioren niet alleen wenselijk, maar zelfs noodzakelijk.

Of zijn we op een natuurlijk keerpunt beland doordat de arbeidsmarkt ondertussen weer vele vacatures kent?

Daling Burn-outs?

De hoop is dat werkgevers in 2018 hun werknemers (weer) gaan zien als hun belangrijkste bedrijfskapitaal. Waar met respect en waardigheid mee omgegaan wordt. Werkgevers die aan medewerkers meer autonomie geven, hen binden en boeien met innoverend beleid en goed gebruik maken van hun competenties. Omgedraaid zullen veel medewerkers meer aandacht kunnen besteden aan het exploreren van hun talenten, hun zelfvertrouwen en persoonlijke performance.

Steeds meer mannen en vrouwen hebben last van een burn-out. Vooral het aantal vrouwen met een burn-out is de afgelopen jaren toegenomen. Dit blijkt uit het Nationaal Salarisonderzoek van Nyenrode en Intermediair. 72.000 mensen werden ondervraagd over hun ervaringen met een burn-out. 15 procent van de vrouwen zegt er weleens last van te hebben gehad, tegenover 9 procent van de mannen. Mensen die werken in onderwijs en zorg hebben een hoge kans op een burn-out. Dat melden Volkskrant en RTL Nieuws. (bron: Nationale Onderwijsgids, 21 november 2017).

De Volkskrant spreekt over de “flexparadox”: hoe meer zekerheid mensen hebben, hoe meer risico’s ze durven nemen. En omgekeerd, stelt WRR-onderzoeker Monique Kremer tevens bijzonder hoogleraar actief burgerschap.  Kremer nam 36 diepte-interviews af met betrokkenen. Wat haar opvalt, is de financiële stress die zij ervaren. ‘Dat kan tot gezondheidsproblemen leiden.’ Ook voelen veel flexibele krachten een gebrek aan waardering  Dat tijdelijke banen slechter betalen was al bekend. Deze studie toont de psychologische gevolgen: flex werkt verlammend. Ook voor werkgevers. (februari 2017).

Een vast contract, zoals vroeger heel normaal was, is de afgelopen jaren steeds minder gegeven. In het derde kwartaal van 2016 hadden volgens het CBS 5,1 miljoen mensen een vast contract, het aantal mensen met tijdelijke en flexibele contracten is inmiddels gestegen naar 1,9 miljoen.

Dat de keerzijde van het beleid van tijdelijke contracten steeds duidelijker werd, hoeft geen betoog. De crisisjaren hebben de relatie tussen werkgever en werknemer enorm beïnvloed. In het journaal van 29 december 2017 wordt aangegeven, dat men de komende periode een  sterke toename van het aantal vacatures verwacht die kunnen oplopen tot 1 miljoen!

Nu de economie weer in een flow is, liggen er prachtige kansen voor werkgevers en werknemers!  

www.trainingzelfrealisatie.nl

Heb jij het niet druk? Hoe lang heb je daar al last van?

Per 1 januari 2016 vertrok ik vanuit mijn functie als bestuurder in de ouderenzorg met onbekende bestemming. Een ongewis avontuur want na mijn studie heb ik onafgebroken 35 jaar in een turboversnelling gewerkt. Overigens altijd met veel plezier en een grote gedrevenheid. Een uitspraak luidt:  “Soms moet je even stilstaan om vooruit te gaan”. Het werd een fascinerende periode met boeiende vergezichten waarin diepe overpeinzingen zich afwisselden met relativerende inzichten.

“Pas als je even op afstand gaat staan, zie je wat het is”, onderwees ik mijn destijds jonge kinderen in het museum. Zo is het met het leven ook. Als je deel bent van de maalstroom  en meegevoerd wordt in de kakofonie van geluid en gekrioel van beweging weet je niet waar het eigenlijk voor dient en waar je naar toe gevoerd wordt. Om het te zien, moet je even op afstand gaan staan.

Het meest absurdistisch ervaar ik de gekte van de social media (excuses dat ik met deze blog mij daar ook schuldig aan maak….). Eén keer een webbinar gevolgd dat me interessant leek met een desastreus gevolg. Dagelijks word ik nu bedolven onder mails van de webbinarist die zijn koopwaar steeds indringender aanprijst. Kennelijk is dit nodig om nog op te vallen onder de miljoenenstroom berichten van social media. En omdat dat voor iedereen geldt, maken we allen exponentieel gebruik van een schier eindeloze reeks communicatiekanalen.

Het effect is dat velen denken dat alles bijgehouden moet worden om niets te missen. Als de cijfers kloppen, raakt ca. 25% van studenten al vroegtijdig in een burnout. Een burnout! Het leven moet eigenlijk voor hen nog beginnen. Het tempo is kennelijk  hoog en social media hebben een vergelijkbaar effect op je hersenen als drank en drugs! Dit speelt bij één op de zes jongeren (M. Spits, S.Oudejan – Verslaving 2016 – Springer)!

Hoe stuiten we deze maalstroom en creëren we momenten van rust en bezinning?
Hoe richten we ons op waar het ècht om gaat? En wat is eigenlijk ‘echt’?
Mijn antwoord op de eerste vraag:  laten we allen sober zijn in wat we posten en laat de nieuwswaarde leidend zijn. Doe ook eens gewoon niets. En de tweede vraag is voor mij dat de empathische en respectvolle verbinding tussen mensen die authentiek (durven) zijn, centraal staat.

Is er nog een weg terug, of is dit een achterhoedegevecht? Hoe ziet u dit?

Paul Schoof.

Home

Passie en gedrevenheid

Uit internationaal onderzoek blijkt dat in Nederland slechts 9% van de medewerkers met passie en gedrevenheid hun werk doet. In Europa is dat percentage 14% (wereldwijd 13%), nog steeds heel laag (Gallup, 2013 State of the Global Workplace). 80% is ‘niet echt betrokken’. M.a.w. men werkt om inkomen te vergaren, past zich aan en doet wat het moet doen. 11% is actief onbetrokken; men saboteert, is niet positief over de eigen werkplek en draagt dit ook naar derden uit.
Deze cijfers verrasten mij.
Ik heb diverse oriënterende gesprekken gevoerd met bestuurders, managers en HRM functionarissen of men mijn stelling onderschrijft dat hoe hoger het percentage gedreven medewerkers is hoe beter een organisatie zijn bedrijfsdoelstellingen haalt en hoe hoger de kwaliteit van de dienst of het product.
De meeste bestuurders onderschreven mijn stelling.

Maar ik kreeg ook terug uit het veld (voor mij toch wel verrassend als voormalig bestuurder) dat veel bestuurders niet erg bezig zijn met vraagstuk van het lage percentage gedrevenheid. Wel met HRM cijfers (verloop, verzuim e.d.) en toenemend met vervulling van vacatures die in deze tijd weer snel aan het oplopen zijn.

Al lijkt dit een open deur: de medewerkers zijn ons belangrijkste bedrijfskapitaal ondanks een steeds verdergaande automatisering.

Een goede focus op zelfverwerkelijking bij medewerkers ten einde hen langer te binden & boeien en bedrijfsdoelstellingen op lange termijn beter te realiseren, lijkt mij belangrijk. Dit betekent m.i. ook dat medewerkers die zich niet (meer) voelen passen in de organisatie afscheid nemen, feitelijk omdat ze niet vanuit hun competenties werken en niet doen waar hun hart ligt. In deze tijd is gelukkig ook steeds meer focus op autonomie van de medewerker ontstaan en appelleert men meer aan hun persoonlijke kwaliteiten. Denk aan zelf organiserende teams en met hoger individuele verantwoordelijkheid.

De Training Zelfrealisatie ondersteunt particulieren en medewerkers om zich weer met hun hart te verbinden.
Bezoek deze site eens door er op te klikken.
Ik ben heel benieuwd naar uw reactie!

Zijn vrouwen spiritueel meer ontwikkeld dan mannen?

In september 2017 ging ik met mijn vriendin mee naar het Happinez festival. Tot mijn verrassing zag ik ca. 10% mannen. Ja u raadt het al: dus 90% vrouwen. Voor het overwegend in het Engels gesproken festival waren gerenommeerde sprekers uitgenodigd van over de hele wereld. Zijn vrouwen meer op zoek naar geluk, zelfrealisatie en zingeving? Of zijn vrouwen juist meer ontwikkeld op dit punt dan mannen?

Het antwoord op deze vraag is niet eenvoudig te geven en wordt door vrouwen in ieder geval anders beantwoord dan mannen. In “Mannen komen van Mars en vrouwen van Venus”  (John Gray) wordt treffend ingezoomd op de verschillen tussen mannen en vrouwen.
Vrouwen lijken zich in ieder geval actiever bezig te houden met de genoemde vraagstukken dan mannen.